Het is een vreemde gewaardwording. Daar zit ik dan. Voor de wet volwassen, maar binnen de grenzen van mijn eigen hoofd nog steeds een klein kind. Met open armen word ik ontvangen door de nieuwe directeur en docenten van mijn oude basisschool. Ik kijk om me heen. Wat is het toch klein hier, hè? En wat ben je snel boven. Vroeger leek het wel alsof de trappen kilometers hoog gingen, alsof je een berg moest beklimmen voordat je eindelijk eens bij het lokaal van groep zeven was. Verdorie hé, wat is het toch lang geleden en eigenlijk ook weer zo kort. Ik moet lachen wanneer ik van een bepaalde trap af loop. “Niet weer naar beneden donderen, omdat die knappe, stoere jongen uit groep acht even naar je lacht.”, denk ik bij mezelf. Hoewel… het zou nu ook een beetje vreemd zijn wanneer ik zenuwachtig zou worden van een broekie van twaalf.
Ik bevind me in de lerarenkamer, de kamer die vroeger heilig was. Een kamer waarin de leraren zichzelf de illusie voorhouden dat ze eindelijk eens in alle stilte hun zelfgesmeerde bammetjes kunnen oppeuzelen. Een illusie, omdat ik me nog goed kan herinneren dat ik wanneer ik er zin in had naar de magische kamer holde om iets te melden. Simpelweg omdat het kon.
“Je mag hier wachten. Maak in de keuken maar een lekker kopje koffie of thee voor jezelf.”, zegt de vriendelijke directeur. Een vreemd gevoel overvalt me wanneer ik mezelf in de keuken voorzie van een lekkere cappuccino. Een gevoel dat ik hier eigenlijk niet mag zijn tenzij ik leegbloed en met juf Huppeldepup bij de EHBO-kist zou staan. Toch grappig dat wanneer je op je oude basisschool bent, dat kleine kind in je naar bovenkruipt om even te koekeloeren. Ik zie de aula waarin ik met plezier werkte aan de groep acht musical. Ik zie de kleedkamers van de gymzaal waarin ik een keer opgesloten was omdat mevrouw weer eens te langzaam deed over omkleden. Het is een vreemde gewaarwording.
De bel gaat. Het is één uur. Tijd om de enquête af te nemen bij de koters. Ik knik vriendelijk naar de overgebleven leraren en loop met mijn mapje de lerarenkamer uit richting het trappenhuis. Het was fijn hier weer even te zijn.
